Home » Communicatie, Headline, Nieuwe media

Gaat de iPad de journalistiek redden?

20 May 2010 364 views No Comment

Een nieuwe manier om te surfen, e-mailen, foto’s en video’s te bekijken en e-books te lezen. Dat is de belofte die Apple-topman Steve Jobs meegeeft aan zijn nieuwste gadget de iPad. De tabletcomputer moet het gat tussen de smartphone en de laptop gaan opvullen (Hulster, 2010).

Sinds april is de iPad in de Verenigde Staten verkrijgbaar, maar al vanaf halverwege 2009 worden de ontwikkelingen rondom dit innovatieve product met veel enthousiasme gevolgd. Geïnspireerd door het succes van de iPhone zijn software ontwikkelaars, game designers en uitgevers al maanden druk bezig met hun eerste producties voor de iPad.

Voor game en software ontwikkelaars biedt de iPad niet meer dan een mogelijkheid hun bestaande markten uit te breiden en hun afzetgebied te vergoten. Voor de uitgeversmarkt is de hier besproken ontwikkeling echter van veel groter belang. Nu de kranten- en bladensector in een vrije val terecht zijn gekomen (Pleijter, 2010-a) zoeken uitgevers naar mogelijkheden om het tij te keren (Pleijter, 2010-b). Arjan Dasselaar(2010) schrijft op de denieuwereporter.nl dat journalisten zoeken naar een zilveren kogel om het monster van de achteruitgang te kunnen stoppen. In dit essay vraag ik mij hardop af of de problemen in deze sector wel te verhelpen zijn met de komst van een nieuw apparaat alleen.

Nieuws is middels internet al langer in digitale vorm beschikbaar, maar het feit dat de iPad zich makkelijk laat lezen op andere plekken dan achter de computer lijkt vooral uitgevers ten goede te komen. Een aanraakgevoelig en helder scherm, makkelijk besturingsysteem, het draagbare formaat en de draadloze internetverbinding maken het mogelijk digitale boeken, magazines en kranten draadloos te ontvangen en te lezen. Door de digitale techniek kunnen uitgaven aangevuld worden met video, geluid en interactieve communicatiemogelijkheden.

Editor bij de Persgroep Hans de Ridder zegt volop ideeën te hebben voor de iPad en andere e-readers. Jan ’t Hart, adjunct-hoofdredacteur van de Volkskrant zegt al goed voorbereid te zijn. Een videoteam en een nieuw publicatiesysteem om op verschillende platformen te publiceren staan al klaar om de eerste content voor iPad te ontwikkelen. Het NRC Handelsblad denkt dat de iPad specifiek geschikt is voor hun verdiepende journalistiek. Manager Nieuwe Media Christiaan ten Hoope ontwikkelt een mix van publicatievormen om alle mogelijkheden van de iPad te kunnen benutten (Hulster, 2010).

Luisterend naar de meningen van online opinieleiders horen we vooral dat de iPad een geweldig apparaat is, maar dat toetreding tot dit medium alleen de uitgevers niet naar betere tijden gaat brengen. Zo heeft Jeff Jarvis – auteur van het boek What Would Google Do – voor opschudding gezorgd door zijn iPad te retourneren aan Apple omdat hij niet inziet welke vernieuwende functie de iPad heeft en het apparaat zelfs ziet als een bedreiging voor de persvrijheid (Jarvis, 2010-b).

De grote vraag blijft dan wat er wel moet gebeuren om krantenuitgevers te laten floreren. Clay Shirky(2010-a) meent dat de toekomst van nieuwe media zal liggen in simpele en overzichtelijke distributiesystemen. Deze trend zien we terug in de opkomst van webvideo dat concurreert met complexe en kostbare televisie. Ook Dasselaar(2010) onderkent deze trend en geeft aan dat lezers het laatste nieuws niet willen lezen op de site van een kwaliteitskrant, maar op een website die overzichtelijke en helder is. De verklaring hiervoor ligt volgens Dasselaar in het feit dat internet een niche-medium is waarop mensen zoeken naar informatie die specifiek voor hun geschikt is. Websites die zoveel mogelijk informatie willen aanbieden zoals kranten dat doen zijn daarom minder populair. Het zijn de nichemarkten die succesvol zijn, stelt ook Blom(2010-a). Niet in omvang, maar in diepgang en specialisatie in unieke informatie.

Kranten hebben het succes van hun concurrenten in nichemarkten opgemerkt en experimenteren steeds vaker met content die specifiek gericht is op een doelgroep. Zo presenteerde het Algemeen Dagblad in augustus 2008 de sportkrant AD Sportwereld, publiceert de Amerikaanse Metro content in samenwerking social-media website Mashable (Bakker, 2010-a) en introduceert The Daily News een opiniepagina speciaal voor jongeren (Bakker, 2010-b). Maar dit zijn allemaal vernieuwingen binnen het bestaande geheel; de krant die niet langer succesvol is in zijn huidige vorm.

Op de website dodebomen.nl pleit Brouwers(2010) voor vernieuwing in de media door nieuwe spelers. Nieuwe spelers zijn in staat de behoeften van de lezer uit te kristalliseren en op basis van die behoefte unieke content en platformen te ontwikkelen. Is het deze tactiek die de oplossing biedt? Het ontbinden van de krant tot gespecificeerde brokken content die elk een andere doelgroep aanspreken? Blanken(2010) denkt van wel. In reactie op het nieuws dat lezers van de webversie van de Britse kranten The Times en The Sunday Times moeten gaan betalen geeft hij aan toekomst te zien in een model waarin lezers alleen hoeven te betalen voor aanvullende en verdiepende content.

Deze toekomst waarin de lezer betaalt voor wat hij leest is misschien wel onvermijdelijk. Naast lage bezoekersaantallen kampen de websites van kranten ook met tegenvallende advertentie-inkomsten. In de Verenigde Staten wordt slechts 11,9% van het totale advertentiebudget uitgegeven aan advertentieruimte op websites van kranten (Mutter, 2010-a).

Het advertentiemodel gaat dus niet op voor de online uitgaven van kranten. Mutter (2010-b) bespreekt op zijn website vier modellen om de lezer te laten betalen voor zijn nieuws. In het eerste model kunnen lezers alleen de eerste alinea van een artikel lezen. Wie verder wil lezen moet betalen. In het tweede model zijn artikelen alleen zichtbaar voor abonnees van de krant. Er kan in dit model geen specifiek abonnement voor de internetsite afgesloten worden. Het derde model staat lezers toe een aantal artikelen per dag te lezen. Het laatste model is het micro-payment model waarbij men vaak verwijst naar iTunes. Hierbij betaalt de lezer per artikel. Dit model is tevens uniek omdat de lezer niet de krant leest op een website, maar binnen een afschermde applicatie. Dit maakt het lees- en betaalproces veiliger en makkelijker.

De iPad maakt gebruik van de software van iTunes en het is dan ook die combinatie die zorgt voor de interesse in het laatste betaalmodel. Toch is iTunes volgens Shirky(2010-b) niet geschikt voor de distributie van nieuws. In tegenstelling tot muziek – het oorspronkelijke product van iTunes – is nieuws niet een product dat je meerdere keren tot je wilt nemen. En daarmee neemt de wil om voor het product te betalen af, aldus Shinky. Als laatste reden waarom nieuws in tegenstelling tot muziek niet via iTunes verspreid kan worden geeft Shirky aan dat nieuws geen gestandaardiseerde markt is met standaardprijzen. Een belangrijke succesfactor voor de verspreiding van muziek binnen iTunes is volgens hem de eenduidige en herkenbare prijsstrategie. Picard(2009-a) is het met Shirky eens en noemt het vinden of bouwen van een juist betalingsmodel de belangrijkste uitdaging van de komende jaren. Picard(2009-b) voegt daar aan toe dat het hierbij vooral gaat het om het vinden van een betalingsmodel dat werkt voor verschillende uitgaven en publicaties tegelijk.

Dat iTunes geen goed betalings- en distributiesysteem is voor nieuws doet ons concluderen dat de iPad een innovatie is met weliswaar grensverleggende mogelijkheden voor uitgevers, maar niet de gouden oplossing biedt die leidt tot heel veel meer betaalde lezers. Om het tij te keren zullen kranten moeten afstappen van hun complexe en allesomvattende distributievormen. Door te kiezen voor online nichemarkten kan het advertentiemodel gehandhaafd worden (Blanken, 2010-b) en de lezersloyaliteit verbeterd. De komst van de iPad en de eisen die iTunes stelt aan content en applicaties kunnen dit proces versnellen, maar voor echte vernieuwing zal een verandering in management, strategie en visie nodig zijn. Uitgevers moeten daarbij niet bang zijn te kijken naar media die eenzelfde verandering meegemaakt hebben, zoals bijvoorbeeld boeken (Blom, 2010-b).

Ik schreef dit artikel in opdracht van de Universiteit van Amsterdam voor het programma Media Innovatie gegeven door Piet Bakker. Wil je op de hoogte blijven van nieuwe artikelen op dit blog? Abonneer je dan op de RSS-feed.

Bronnen:

1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars (No Ratings Yet)
Loading ... Loading ...

Leave your response!

Add your comment below, or trackback from your own site. You can also subscribe to these comments via RSS.

Be nice. Keep it clean. Stay on topic. No spam.

You can use these tags:
<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

This is a Gravatar-enabled weblog. To get your own globally-recognized-avatar, please register at Gravatar.